Het is stil. Er vallen wat blaadjes. Het regent. Maar voor de rest is het rondom de PvdA doodstil. Ik wil niet voor de zoveelste keer de zeikerd uithangen, maar er is helemaal geen reden om glimlachend voor je uit te kijken. Integendeel. Het is nu een tijd om jezelf opnieuw uit te vinden. Ikzelf zou zeggen: opheffen en met iets beters komen. Maar goed, ik ben de beroeps zeikerd.
Oneens zijn, is vaak veel leuker. Dat dacht ik toen ik met de bestuurder van Amsterdam Oost, Fatima Elatik, sprak op de vijfde verdieping van het mooiste stadsdeelkantoor van de stad. Ook toen ik haar geloof een achterlijke vorm van onderdrukking vond, gooide ze me namelijk niet in de slotgracht.
Na de VVD en de PvdA sloopt Geert Wilders nu het CDA. Hij weet het en hij geniet ervan. Dat weet ik zeker. Het blijft indrukwekkend, hoe hij opereert. Een kleine tweet over een ‘zeurpiet’, een interview in een Australische krant, een toespraak op ground zero. Alles precies in verhouding. En altijd met een effect van 1000%
Een stukje uit het verhaal "Pinocchio is links" dat in de binnenkort te verschijnen verhalenbundel "Ik loop of ik vlieg" van Eddy Terstall staat. Deze verschijnt eind september. Ik heb echter voor veel geld de rechten van de teaser gekocht. Hier dus alvast een voorproefje. Over feministen, betuttelracisten, seks en vrijheid. Kortom: bloedzuiver Terstalliaans proza.
Ik was ’t mannetje. Ik had een goede baan, goede perspectieven, een wurgende hypotheek, een mooie vrouw en nog mooiere kinderen. Eigenlijk was ik een reclame voor het leven. Fluitend onder de douche. De moderne man. En toch. Ineens denk je: ik ben veertig. En dan slik je even.
‘Ik, Wim Klein, wil neuken en wel zo snel mogelijk. Mijn tweede wens is een bestseller schrijven, en dat ook het liefst zo snel mogelijk.’ Dat is de eerste zin van de nieuwe verhalenbundel van Remco Campert Om vijf uur in de middag. Wat mij betreft, is dit de beste openingszin van 2010.
Van die nachten. Dat je ineens wakker wordt en je direct al weet: omdraaien heeft geen zin. Toch woel je. Je zweet. Je zucht. Dan sta je uiteindelijk grommend op, loopt wat onwennig door de woonkamer, schenkt jezelf iets in… En dan gaat het licht aan. Op zo’n nacht wist ik het ineens: Ik ga voor mezelf beginnen. Ik ga schrijven.
Zo’n regeldruppel die duidelijk vermoeid langs mijn raam glijdt. Hij schrijft: het is herfst. Het is over. De zomer - die begon zowat in Mei - is voorbij. Het is herfst, tijd van storm en regen. Maar vooral van verdriet en eenzaamheid.
Onder een kopieerapparaat in Den Haag vond ik een stuk papier. Erboven stond: toespraak voor New York. In de bovenhoek stond gekrabbeld: hiermee ga ik de wereld versteld doen staan. “13 verdiepingen islamtisch genot dat straks uit de grond wordt gestampt.”
Wil je wel of geen moskee? Het islamitisch centrum dat vlakbij ground zero in New York moet verschijnen, zet nogal wat mensen aan het denken. Som nuttig. Vaak ook absurdistisch. Zo werd mij de vraag gesteld: Ben je voor of tegen de moslims? En daaraan gekoppeld: waarom doe je toch niks aan Wilders?
(Uit de oude doos - in een tijd dat de liefdevolle leden vol vertrouwen waren dat de integratienota van de PvdA een nieuwe koers zou betekenen. Een trendbreuk? Een nieuwe partij? Een opiniestuk dat in De Volkskrant verscheen.) De PvdA voelde soms als een ijskoude stiefvader. Op gebied van integratie, religie en migratie werd continu weggekeken. Het moest van beide kanten komen, was de mening. Of nog erger: wacht maar af, dan komt het vanzelf goed. Mensen die in het lichtrode huis wel over deze onderwerpen spraken, werden weggehoond. ‘Wij hebben geen Scheffer-probleem’, riposteerde oud-burgemeester Patijn op het pamflet van Paul Scheffer, het multiculturele drama. Iemand als Bolkestein werd verweten ‘te vissen in troebel water’. Pim Fortuyn werd gemakshalve linea recta in de bruine hoek gezet en men was apetrots op de eigen oogkleppen.
Ze stapte het perron op, ging op een bankje zitten en zuchtte diep. Ze rookte met haar ogen naar de hemel. Dat wil zeggen dat ze niet rookte, maar haar sigaret kuste. Dat had iets sensueels. Haar tuitende rode lippen tegen de filter aan. Toen de sigaret op was, haalde ze nog één keer diep adem, gooide de peuk tussen de rails en ging staan.
Maxime verhagen is ‘volledig onbetrouwbaar’. Dat zijn niet mijn woorden. Dat antwoord krijg ik als ik zijn naam uitspreek. Een slang. Glibberig mannetje. Zo’n achterbakse Limbo. Dat is best grappig. Al die mensen die buikpijn krijgen van het minderheidsgedoogkabinet (ook wel als bruin 1 aangeduid) hebben geen oordeel over Geert of Mark. Maar de naam van Maxime wordt uitgespuugd alsof het een visgraatje is dat achter in de keel zat. Allemaal imago.
Ik schreef de laatste dagen weinig. De woorden hingen wel in de lucht, maar ik kreeg ze niet te pakken. In mijn hoofd zitten echter meerdere boeken. Groter dan de waan van de dag. Groter dan een column. Groter dan een meninkje…Over God. Over de partij. Over het leven.
Het is zijn week. Gaypride. Ik zie de man met de snor olijk het station uit huppelen. Hij voelt zich als een kind in een snoepwinkel. De snor heeft er zin in en dat zegt hij ook tegen iedereen. Buiten het station bleef hij even staan en keek in het rondt. Hij snoof de homogeur op die boven de stad hing, wreef zich in de homohanden, deed zijn homoharen goed en liep richting het Rokin.
Dat gepuzzel. Dat gestoei. Die spelletjes. De kiezer is alweer volledig de weg kwijt. Vooral met die gedoogsteun van de PVV. Dat gedraai. Dat zwarte pieten. Het wordt hoog tijd dat er echt iets veranderd. Een ander bestuurlijk stelsel, zodat de keuze van de kiezer duidelijker wordt. Maar het gekke is, daar hoor je niemand meer over.
(Uit de oude doos, het feuilleton De Moslima): inOoit zaten we op een dakterras in Istanbul. Khadija en ik. Rosé. Aan de Bosporus. Schepen stoomden voorbij. De zon ging onder. En wij waren vrij, zo vrij als we nog nooit waren geweest. Bij de oproep tot gebed, schrok ze even. Maar dat duurde geen twee seconde.
(Uit de oude doos: van vorig jaar, zes juni, toen de PvdA bij de verkiezingen voor het Europees Parlement gigantisch verloor en ik hooopte dat er iets zou veranderen.) Ik ben onrustig. Het zonnetje is het zonnetje. En ik zit de hele tijd met die verdomde kutpartij in mijn hoofd. Over liefdevolle revoluties. Over opstanden. Over boze brieven. En ik niet alleen. Er wordt volop gebeld en gemaild. Heerlijk. Er staat iets te gebeuren. Iets met ‘verandering, waar we in kunnen geloven.’ De lente kan alleen maar mooier worden. Gelukkig hebben we niet een 'beetje' verloren, maar heel erg. Anders zou er weer niets veranderen.
Column voor De Echo: Femke (achternaam overbodig) zit vaak in het Vondelpark. Aan de rand van de zandbak kijkt ze met haar ene oog naar haar tweeling en met het andere oog naar papieren. Femke is zo’n moderne moeder die werk en zorg combineert. Vrouwen kunnen dat. En nog veel meer. Want Femke twittert ook tegelijkertijd. En eet. En rookt. En schept zand in een emmer. En veegt een snotneus af. Aan haar ogen zie je dat ze ook nog denkt. De resultaten van dat denken zet ze op stukjes papier.
(Uit de oude doos:) Hij gaat terug naar Turkije. Of eigenlijk gaat hij heen. Ibrahim is hier geboren. Hij kent Turkije vooral van vakanties. En nu overweegt hij serieus met zijn hele hebben en houwen naar het land van zijn vader te emigreren.