0
Als Hans Spekman zijn trui aan Thierry Baudet geeft als die het koud heeft

 

Soms, lieve mensen, ben je verward.

Dit is zo’n dag. Daar sta je dan. Aan de ene kant Hans Spekman, trui der truien. Man van het volk. Socialistisch sekteleider. Masochistische mastodont. Rauw. Ruw. Rafelig. De enige arbeider die de PvdA nog rijk is.

Aan de andere kant Thierry Baudet, de grootste én geilste intellectueel van de vrije wereld. Duur overhemd. Gluiperig kapsel. Orerend over oikofobie. Ejaculerend op Europa. Man die van vrouwen geen nee accepteert. Fortuynlijk pianovirtuoos. Eloquente egotripper. Ook deze man is een leider van het volk.

Een groter verschil is niet denkbaar. Maar het vreemde is dat Thierry, de grootste intellectueel van onze tijd, iedereen het etiket ‘elite’ opplakt. De elite. Onze elite. Dat is tegenwoordig de verzamelnaam voor alles wat vies en voos is.

En Hans hier, ongeschoren speknek, socialist, behoort dus tot de elite. En Thierry, de grootste intellectueel van onze tijd, is hier dus het volk, dat belazerd wordt, dat genaaid wordt door Europese bureaucraten, dat overstroomd wordt door gelukzoekers en andere fascisten.

De elite. Het volk. Hoe anders was dat vroeger.

Als ik zou mogen kiezen, zou ik Baudist worden. Zeker op een avond als deze. Het is zwoel. Zweterig. Vochtig. En je weet gewoon: Thierry, de grootste intellectueel van onze tijd, ligt straks achter de bar met het mooiste meisje hier aanwezig. Dat is een les die ik geleerd heb van Hans Teeuwen. Linkse meisjes zijn namelijk gek op rechtse praatjes. Kijkt u maar even naar Marjolein Moorman, die staat nu al te trappelen van ongeduld.

En geef toe, als hij straks gaat praten, wat zeg ik, oreren, woorden offreren, waterend converseren. Als die machtige wenkbrauw straks weer hautain omhoog gaat als Spekman weer socialistische sappigheden debiteert, dan zou ik ook soppen in mijn rode panty.

Je weet ook, Marjolein, dat Thierry een womanizer eerste klas is. Hij sleept je mee in zijn hol, speelt piano op je ribben, lebbert met zijn tollende tong een meer van champagne rond je navel leeg. Hij zal je laten klaarkomen als een door Gerard Reve genomen ezel. Dat is Thierry, de geilste intellectueel van de vrijende wereld.

Enfin. Dames. Dat is Thierry dus.

Als je dat zo hoort, krijg je medelijden met Hans Spekman, trui der truien. Socialistisch monster. Waar de anti-alles beweging van Thierry aanzwelt als een luidruchtig pandemonium, een mars der beschaving, lijkt Hans nog de enige strijder te zijn die oprecht boos wordt.

Eenzaam. Eigenlijk. Hans. Trui der truien. De leden lopen weg. De keizer loopt weg. En Hans staat in zijn eentje de Internazionale te zingen. Het feest van de nivellering lijkt vooral op zijn eigen partij van toepassing.En toch. Hans is een held. Echt. Ik kan dat moeilijk uitleggen. Dat heeft met dat rauwe te maken. Met die vuisten die op tafels slaan. Die overslaande stem als de asielzoekende uitkeringsuitvreter een euro tekort komt. Dan krijgt hij een rood gelaat en spatten de spuugdeeltjes de toehoorders in het gezicht. Die woede is echt. En zijn eerlijkheid, hoe dodelijk ook voor de partij, is verfrissend.

Het zal Hans worst zijn hoe ze over hem denken. Waar Didi zich nog in het pak liet naaien, zo zal Hans trouw blijven aan zijn ongeschoren tronie, zijn gekreukelde overhemden, zijn weelderige borsthaar dat eronder uit kruipt.

Hans is een woesteling. Denk even aan het boek van Roald Dahl: De Grote Vriendelijke Reus, de GVR, die onbeholpen praat, groot en log is, maar wel dromen en nachtmerries van kinderen in potjes opvangt. De nachtmerries vernietigt hij. De mooie dromen blaast hij weer de kinderkamers in.

Dat is Hans. En wat Hans Teeuwen niet weet, is dat rechtse bier-en bitterballen borrelende hockeymeisjes gek zijn op dit soort socialistische reuzen op lemen voeten. Hans krijgt dagelijks brieven van de vrouwelijke versie van de Thierry Baudets van deze wereld. Je zou het niet verwachten, maar Hans Spekman hangt boven het bed van menig hockeymeisje.

Hans en Thierry.

De trui der truien. En de geilste intellectueel van inert Europa.

Straks gaan ze aan de bar zitten. En dan drinken ze samen.

Eerst zwijgend. Woorden rijgend. Hijgend.

Maar allengs luidruchtiger. De klucht in de lucht, als een vrucht van tucht.

Tot ze brallen. Ze schreeuwen. Ze gesticuleren. Ze rammen op de bar.

Bier. Meer bier.  Links. Rechts.

De oikofobische kakofonie zwelt aan. Groter. Hoger.

Overal is vocht van tochtige en viriele vrouwen.

Ze hangen aan lippen, zoals Thierry aan een pianosnaar hangt.

Tot het stil is, alleen de bierkraan drupt.

Thierry krijgt het koud. Hans biedt hem zijn trui. En dan lachen ze. Slaan elkaar op de schouders. Huilen. Kussen elkaars oorlel en komen dan tot de conclusie: Nederland, eigenlijk best een aardig land.

Ik dank u.

Marcel Duyvestijn
Website
Your Name Email Website

*

code