0
Het lijden van een vuile huichelaar

 

René de Haan is overleden. De vrouwelijke André Hazes werd ze wel genoemd. Dat is overdreven. Ik bedoel: daarmee zet je haar toch naast hem.

Vuile Huichelaar is echter wel een nummer dat dwars door de ziel snijdt. Misschien door het harde van die ‘huichelaar’, die je voor je ziet, met zijn drankneus, de vrouwen bij de billen grijpend en in de tussentijd geen grijpstuiver verdient. Zo’n vent. Zo’n lapzwans, waar je alleen maar problemen mee hebt. Ik was nog geen achttien, maar ik zag hem zo voor me.

Terug naar Hazes. Die zou vorige week 65 jaar zijn geworden en dat werd gevierd met optredens in Paradiso. Het deed me denken aan Hazes’ vijftigste verjaardag, vijftien jaar geleden, ook in Paradiso. Ik was daarbij. Hij was toen al niet meer de sterkste, de hoge noten liet hij lopen en ook de drank liet nogal wat nummers ontsporen. Maar toch was het een onvergetelijke avond.

Dat had met de man zelf te maken. De tragiek, die je in zijn ogen zag. Het verdriet dat in zijn stem zat. Het zweet dat over zijn fronsende voorhoofd liep.

Hij worstelde met zijn leven. Elke noot huilde. Hij wás de blues. Je zou hem willen helpen, een arm om zijn schouder leggen, een biljartje leggen of zwijgend grote hoeveelheden bier naar binnen slaan. Je zou zijn vriend willen zijn.

Ook toen stond Rachel op de eerste rij, dacht ik. Ze zong mee, maar in haar ogen drupte het verdriet van de vuile huichelaar die André misschien ook was. Ze hield van hem. Ze ging door, maar hun huwelijk was een hobbelige weg. Zelden heb ik een vrouw zo zien lijden bij het zien van andermans lijden.

Deze column verscheen eerder in De Echo

admin
Your Name Email Website

*

code