Het leven is vurrukkulluk

Het Leven is Vurrukkulluk wordt verfilmd. De roman van Remco Campert uit 1961 speelt zich af in en om Het Vondelpark. Frans Weisz regisseert het en zijn zoon speelt de hoofdpersoon.

In mijn eigen exemplaar, uit 1993, heb ik erbij geschreven ‘en ik speel de hoofdrol daarin’. Mijn gedachten gaan terug naar die tijd. Ik was 23. Ik studeerde. Ik leefde. Ik rookte. Ik was vrij en verliefd op de stad. Het Vondelpark lag niet zo ver van mijn huis. Het leven was net zo groen als het park.

Het Leven is Vurrukkulluk is nog steeds mijn lievelingsboek. Samen met Kees de Jongen, van Theo Thijssen. Die boeken zijn verknoopt aan elkaar. Campert laat namelijk in Het Leven is Vurrukkulluk de hoofdpersoon van het boek van Theo Thijssen voortleven. In het Blauwe Theehuis laat hij Rosa, die daar de toiletten schoonmaakt, en Kees, die een zwerver is geworden, elkaar weer ontmoeten. Een prachtig saluut aan de oude (school)meester.

Het Leven is Vurrukkulluk staat voor veel meer dan liefde en leven. Dit is het boek van de jeugd van toen. De oorlog was echt voorbij. Nu waren zij aan de beurt. ‘Alles zoop en naaide, heel Europa was een groot matras en de hemel het plafond van een derderangs hotel.’

Frans Weisz werkte al vijftig jaar terug aan het manuscript, samen met Remco Campert. Destijds dacht hij dat Kees van Kooten en Wim de Bie de hoofdrollen zouden kunnen vertolken. Maar de film kon nooit gemaakt worden. En elke keer kwamen er nieuwe hoofdpersonen. Totdat hij zijn eigen zoon, Geza, vroeg. Hij speelt Boelie, de dichter. De andere hoofdrol wordt gespeeld door Reinout Scholten van Asschat, de zoon van Gijs.

Dit gaat dus over vaders en zonen. Geestelijke vaders en biologische vaders. En dat op het moment dat ik het glas hef op de verjaardag van mijn eigen vader, die met Pasen tachtig wordt.

Deze column verscheen eerder in De Echo

Leave a Reply

Your email address will not be published. Required fields are marked *