De geschiedenis van de kaalheid van Jeroen van Berkel

Deze week kiezen PvdA’ers in Amsterdam hun nieuwe leider. Bij D66 hadden ze twee weken geleden Reinier van Dantzig op de troon gezet. Nu staan Marjolijn Moorman, Jeroen van Berkel en Roeland Rengelink klaar om de PvdA te leiden. Ik gun het ze alle drie. Moorman zou de eerste vrouw kunnen worden die de PvdA leidt. En Roeland Rengelink heeft gewoon een hele gave naam, alsof hij met een belletje door de stad loopt. Toch wil ik het nu over Jeroen van Berkel hebben.

Ten eerste de geschiedenis van zijn kaalheid. Jeroen is namelijk kaal geworden door eigen toedoen, omdat hij de hele dag met zijn handen in zijn haar zit. Nergens zal hoofdhaar zo ongelukkig zijn geweest als op het hoofd van Jeroen van Berkel. Het is pure mishandeling. Als hij moet nadenken, gooit hij zijn hele arm over zijn hoofd om daar te krabben, te wrijven, alsof zijn hoofd de toverlamp van Aladin is. Door al dat opwrijven, is hij dus kaal geworden. En grijs.

Wrijven is een. Hij is ook kaal geworden, omdat het continu broeit in dat hoofd. De energie spat eruit. Dat was al zo in de tijd dat hij de assistent van Ahmed Aboutaleb was. Hij was toen onderdeel van een drie-eenheid.

Die drie-eenheid liep in formatie door de gangen van de Stopera. Voorop Aboutaleb, statig, met zijn telefoon in een holster aan zijn riem. Daarachter de drie meter lange en broodmagere Herbert Raat, diens voorlichter, en daaromheen cirkelend Jeroen van Berkel. Kleppend. Pratend. Buigend. Bellend. Ook als de rest van het gezelschap stilstond, bleef hij bewegen. Een Duracell-konijntje in de Stopera.

Jeroen van Berkel. Of hij kans maakt, is de vraag. Ik maak me wel zorgen om mevrouw van Berkel als Jeroen niet een functie heeft waarin hij zijn hoofd, zijn geest en zijn energie in kwijt kan. Ook daar moeten PvdA-leden aan denken.

Deze column verscheen eerder in De Echo

Leave a Reply

Your email address will not be published. Required fields are marked *