Archive for the Elsevier Category
0
Bauke Mollema vertrouwen we direct, Samsom niet

BaukeM_995C57B1005678C1C1257BAC00242259_9

Bauke Mollema vertrouwt u. Ondanks alle dopingverhalen in de sport, die volgens Winnie Sorgdrager voor 80% uit zondaars bestond, willen we zo’n Groningse jongen graag geloven. ‘Iedereen deed het’, maar nu hebben we weer iemand die ‘alleen op pindakaas’ rijdt.

Jij wil later vast boer worden

Journalisten staan nu bij het ouderlijk huis van Bauke amechtig te kijken. Hier is het. Hier waait de wind. Hier fietste hij tien kilometer naar school en weer terug. Altijd met de kop in de wind. Hij zou op een gewone fiets een wielrenner ingehaald hebben. Zo werd hij ontdekt. Heerlijk. Groningen. Nuchter. Frisse wind. Precies wat we zoeken. ‘Jij wil later vast boer worden?’

Bij topsporters werkt het. Hoe gewoner, hoe beter. Dat Laurens ten Dam af en toe een boek leest, is al verdacht. Frits barend verzuchtte in De Volkskrant: Laurens had eigenlijk Wytze moeten heten. Friese frisheid. Daar houden we van.

Diederik Samsom dacht dat het bij hem ook zou werken, dat gewone. Hij bakte pannenkoeken. Hij hield van Jan Smit (zei hij). Hij heeft een blonde vrouw en een simpel huis in Leiden. Geen gladjakker, nee, Didi vertelde ‘het eerlijke verhaal’.

De eerlijke krullen

Na een periode van valsspelerij onder Geert Wilders (die overigens nooit bekende), was Nederland toe aan dat (h)eerlijke verhaal van die voormalige krullenbol. Alleen dat al. Hij had krullen, maar die werden minder. En dus moest alles eraf. De kale waarheid. Geen implantaten. Geen toupets. Nee, de eerlijke krullen.

Das war einmal. Uit diverse peilingen blijkt dat u hem niet meer vertrouwt. De rest overigens ook niet. ‘Het zijn allemaal boeven’, las ik onder één van mijn columns. Misschien kan Bauke na de Champs Elysees een workshop ‘vertrouwen wekken in drie weken’ geven. Misschien iets met het ‘echte eerlijke verhaal’. Hij moet nu helpen. Ik zie hem al staan, tussen Didi en Mark in: ‘Mensen, ga iets kopen!’ Hatseflats. Dankzij Bauke zijn we straks zo uit de malaise.

Deze column verscheen eerder in Elsevier

0
Vele dollars hebben de Arabische wereld geen goed gedaan

 Ripped dollar bill  Economy Concept Image

Democratie is meer dan de meerderheid van stemmen. Dat heeft president Morsi van Egypte ervaren. Hij dacht: The winner takes it all. Hij was immers door de meerderheid gekozen. Hij dacht een mandaat te hebben.

De greep van Erdogan

Ook de Turkse president denkt op die manier. Ik heb de meerderheid achter me, dus ik mag doen wat ik wil. Morsi zal echter met jaloezie naar zijn Turkse collega kijken. Erdogan timmert al jaren aan de weg. Vroeger greep het leger in Turkije geregeld in, maar die is monddood gemaakt en weggestopt in de vele gevangenissen. Vandaar die arrogante houding bij de onlusten op het Taksimplein in Istanbul. Wie kan hem iets maken? Kritische journalisten verdwenen. Opiniemakers. Schrijvers. Allemaal weggestopt. Niemand heeft zijn oppositie zo vakkundig kalt gestellt als hij.

Democratie is echter meer dan de hegemonie van de meerderheid. Het gaat ook over gelijke rechten, over inspraak, over medezeggenschap, over instituties die een land op orde houden, een sterke overheid, waar mensen vertrouwen in hebben. Daar knelt ook direct de schoen. Egypte is nog helemaal niet klaar voor een echte democratie.

80% van de Egyptenaren haat joden

In het westen denken we te makkelijk dat als er maar vrije verkiezingen worden gehouden alles wel goed komt. Daarnaast stoppen Amerika en Europa zomaar wat geld in landen als Egypte, zonder dat ze weten waar het heen gaat. Thomas Friedman, de Amerikaanse schrijver en journalist, waarschuwde ooit dat je aan een land waar de meerderheid uit analfabeten bestaat geen tanks moet verkopen. Daar heeft hij gelijk in. Natuurlijk. Egypte is cruciaal voor de wankele vrede in het Midden Oosten. In ruil voor vele dollars hield Egypte zich koest tegen Israël. Dat dit kortetermijnoplossingen waren, wordt duidelijk als je weet dat meer dan 80% van de Egyptenaren joden haat en ze nog liever vandaag dan morgen wil uitroeien.

Obama staat nu te hakkelen. Wat moet hij doen? Mubarak was ‘een vriend’. Morsi hadden ze geaccepteerd. Ook met hem hadden ze afgesproken dat hij niet met een kromzwaard de Sinaï over zou steken.

Westen is medeverantwoordelijk

Nu weten ze het ook niet meer. Het Westen is gedeeltelijk verantwoordelijk voor deze chaos. Door de dictaturen in de Arabische wereld rücksichtslos met dollars te steunen, had democratie geen kans. De stabiliteit die het opleverde, was relatief. Soms denk je wel eens: wat zou er gebeurd zijn als al die miljarden niet naar dictators gegaan waren, maar naar scholen, ziekenhuizen en onafhankelijke media? Zou er dan een degelijke democratie ontstaan zijn?

Deze column verscheen eerder bij Elsevier

0
Alle geloofsfanatici uit de ouderlijke macht

spuitje

Mag je je als streng gelovige de inenting tegen Mazelen aan je voorbij laten gaan? Die discussie is opgelaaid, nadat er een epidemie in de Biblebelt is uitgebroken. We hebben de vrijheid van Godsdienst. Dus mag het. Maar nu zijn er kinderen in het spel. Een klein percentage van de kinderen die mazelen krijgt, sterft. Wereldwijd sterven 800.000 kinderen aan de Mazelen. Sorry. Maar dan houdt het op met je gekke vrijheden. Of niet?

Ik heb niks tegen geloven, wel vaak iets tegen religie. Geloven zie ik als een gesprek met God. Ik sprak laatst iemand die elke avond een goed gesprek aangaat, met zichzelf. Ik noem dat zijn innerlijke ‘ik’. Hij noemt het God. Prima. Hij heeft er steun aan. Hij noemt zich echter niet religieus, want, zegt hij, religie is door mensen gemaakt.

Bidden voor de genezing van aids

Vorig jaar mocht ik voor de EO-radio een avond bezoeken waar jonge gelovigen bij elkaar kwamen. De energie danste door de ruimte. Sommigen baden alleen. Anderen in groepjes. Soms baden voor wereldvrede, maar er werd ook gebeden voor de genezing van homoseksualiteit. Een meisje vertelde me dat zij in een kerk in Amsterdam Zuidoost regelmatig aidspatiënten genas. Door gebed. Ik knikte ongelovig. Ze lachte die typisch christelijke glimlach. ‘Jouw tijd komt’, zei ze tegen me, terwijl ze een hand op mijn borst legde. ‘Ik bid voor je.’

Je gaat je goddelijke gang maar, dacht ik. Bij de inenting tegen Mazelen ligt het anders. Dat is iemands leven riskeren. Dan houdt de vrijheid van godsdienst op. Maar misschien moet ik een stap verder gaan: Je kind niet inenten, omdat jij vindt dat het Gods wil is dat je kind eventueel sterft, is poging tot doodslag. Wat mij betreft mag Jeugdzorg al die geloofsfanatici uit de ouderlijke macht zetten.

0
Wantrouw de politici die alles zeker weten

3969_e51458

‘Tegenwoordig weten we alles zeker bij D66.’ Dat was de titel van een opiniestuk van Bob de Ruiter in De Volkskrant vorige week. Hij vergeleek zijn partij met een telecombedrijf, ‘een marketingmachinerie met slechts één boodschap: wij zijn heel erg leuk en aardig en hebben de allerbeste oplossing voor u in huis.’

De Ruiter dacht terug aan de oprichter: Hans van Mierlo. Die durfde te twijfelen. Die durfde te zeggen dat hij geen standpunt had. Ik denk dat hij iets bij de kladden heeft. Politici van links tot rechts weten alles zeker. Iets niet weten, wordt als een teken van zwakte gezien. Ik denk wel eens aan John Leerdam, die volledig meeging met een interviewer die hem bevroeg over de fictieve straatterrorist Jablabla. De PvdA politicus durfde niet toe te geven dat hij geen idee had wie dat was, maar kletste erover alsof hij er alles van af wist.

Terug naar D66. Onder Van Mierlo was het een intellectuele partij. De oprichter zelf liet zich omringen door filosofen, schrijvers en kunstenaars. In het onvolprezen campagnefilmpje uit 1966 zien we Van Mierlo mijmerend over de grachten lopen. Hij dacht na: over het ‘geharrewar’ in de politiek. ‘We wilden er zo graag wat aan doen, maar we wisten niet hoe.’ De laatste zin is helemaal tekenend: ‘Ik moet proberen het goed te vertellen.’

Wat een verademing. Iemand die het niet weet. Iemand die twijfelt. Over zichzelf. Over de partij. Over het doel. Wie herkent zich daar niet in? Zeker in deze tijd van grote onzekerheden, doen politici net of ze alles zeker weten. Twijfel bestaat niet.

D66 bestaat nu vooral uit consultants en diplomaten. Aardige mensen. Intelligente mensen. Maar nagedacht wordt er niet meer. Wie Pechtold volgt, ziet vooral cynisme. Hoewel hij programmatisch dichtbij dit kabinet moet zitten, zie je hem alles afzeiken. Dat doet hij zuchtend. Kreunend. Dan sluit hij zijn ogen en zie je dat snaveltje maar ratelen. Alsof Rutte en Samsom een stelletje kleuters zijn die verstoppertje spelen. De boodschap is duidelijk: Pechtold weet het beter. Altijd. Wat zou het mooi zijn als er een politicus opstaat, die zegt: ik weet het ook allemaal niet.

 

Deze column verscheen eerder bij Elsevier

0
Ad Melkert als directeur van een bejaardenhuis vol politici

_1990353_kokmelkert300

Ad Melkert als directeur van een bejaardenhuis vol politici

 

Hij is nog maar 58, onze Ad Melkert. Vol energie. Vol levensvreugd. Na zijn vlucht voor de demonen van Fortuyn keerde hij twee jaar geleden stilletjes terug naar Nederland. Wat nu? Hij had alle geraniums al drie keer geteld. Ad kan helemaal niet stilzitten. Die moet wat doen, iets voor de mensen, iets voor de verworpene der aarde.

Hij belde aan bij Hans Spekman, voorzitter van de PvdA. Die gaf hem ‘een commissie’. Melkert schrijft nu dus een rapport over hoe Nederland uit de crisis moet komen. Wat er in dat rapport staat, zal niemand interesseren. Het gaat om de persoon. Om Melkert. Kroonprins Ad.

Melkert is een anachronisme geworden. Toen Pim stierf, stierf hij ook. Dat hij denkt terug te komen, kan alleen iemand bedenken die gespeend is van elk realiteitsgevoel. Robbie Oudkerk keert ook nooit meer terug, al denkt hij zelf van wel. Ook Jos van Rey zal uiteindelijk – na wat tegenstribbelen op de eeuwige reservebank blijven zitten. Dat is tragisch, dat is oneerlijk, maar zo werkt het.

Ik snap het ook wel. Je bent ooit belangrijk geweest. Je hebt iets betekend. En nog steeds kloppen mensen op je schouder. Er zal altijd een verdwaalde zwerver zijn die zal zeggen: vroeger was het beter. Dat streelt je ego. Dan denk je: ik kan het nog.

Misschien is het daarom goed om een bejaardenhuis voor oud-politici te stichten. Wiegel. Van Agt. Lubbers. Alles wat ze nu nog zeggen, wordt van links tot rechts weggewoven. Ineens krijgen ze een geweten. Ineens dragen ze een Palestijnse sjaal of voelen ze die kernraket in hun maag zitten. Misschien moeten ze dan, als therapie,– in navolging van Frits Bolkestein- hun memoires te schrijven. Om dan te zwijgen. Voor eeuwig.

Ad Melkert zal nooit inzien dat zijn tijd voorbij is. Ik zie hem nog staan, op het podium van Paradiso, naast Wim Kok, in 2002. Zijn hele gestalte was gebogen. Hij sprak over krassen op zijn ziel. Gebroken was hij echter niet. Je zag toen al dat hij ooit terug wilde komen. Als de grote verlosser. Als de prins die de crisis oplost. Arme Ad.

Deze column verscheen eerder in Elsevier

 

 

0
Met Erdogan is de lente verder weg dan ooit

erdogan-turkey

‘We zullen blijven luisteren naar democratische eisen.’ Dat zei Tayyip Erdogan nadat hij het Taksimplein in Istanbul had schoon geveegd. Laat die zin even tot u doordringen. Erg geruststellend klinkt het niet. Het klinkt als een slecht huwelijk, waarbij een van de twee partners zegt: ‘Joh, als jij seks wil, doen we dat. Maar van mij hoeft het niet.’ Dat de premier van Turkije helemaal niets ziet in die vermaledijde democratie wordt telkens weer duidelijk. De repressie wordt harder. Meer en meer journalisten belanden in de gevangenis en de vrijheden worden steeds verder ingeperkt.

Tijdens de Arabische Lente hoorde je vaak dat Turkije als voorbeeld gold. Turkije is modern. Democratisch met een (vriendelijk) islamitisch tintje. Maar bovenal ontwikkelt het land zich als economische reus in de regio. In die tijd zag je Erdogan glimmen. Zijn snor krulde omhoog van trots. Eindelijk deed zijn land er weer toe. Allemaal dankzij hem.

Nu zit hij zelf in het oog van een revolutie. Althans, dat willen we graag zien: een revolutie. We willen die omwenteling meemaken. Niet meer die islamitische dwingelandij, die verboden, die repressie, die censuur. Wij zien vaak dingen in die Turkse opstand die er helemaal niet zijn. Met een beetje fantasie maak je er moderne vrijheidsstrijders van die naar Europa wijzen en zeggen: dat willen wij ook. Vrijheid. Gelijkheid en broederschap. Maar die groep is zwaar in de minderheid.

Zo ging dat ook met de Arabische Lente. Wij houden van dat woord. Lente. Zo’n Femke Halsema- woord. Lieflijk. Leven. Vrede. De islam zou terug gestopt worden in de fles en de hele regio zou luisteren naar John Lennon: imagine. Soms had je het idee dat het Tahrirplein in Caïro vol stond met mensen die de moderniteit omarmden.

Het is allemaal het tegendeel geworden. Moslimbroeders. Chaos. Stagnatie. Van vrijheid en democratie is geen sprake. De lente werd een winter en de temperatuur blijft alleen maar dalen.

Erdogans woorden zijn altijd voor meerdere uitleg vatbaar. Over het geweld bij de ontruiming zei hij bijvoorbeeld: ‘Als mijn reactie als te hard wordt beschouwd, dan spijt me dat. Ik ben Tayyip Erdogan, dat kan ik niet veranderen.’ Dat kun je zien als een excuus. Ik zie er vooral arrogantie in. En een dreigement: als jullie nog een keer de straat op gaan, zal ik nog harder ingrijpen. Ik ben Erdogan. Zo ben ik.

Deze column verscheen eerder in Elsevier

 

 

1
Lof voor Samsom

lammetje lente

Stukkie anticyclisch kritiseren. Stukkie loftrompet blazen. Misschien is het de lente, die eindelijk in mijn gezicht schijnt, dat ik behoefte heb Diederik Samsom en Mark Rutte een schouderklop te geven. En wel hier, in de kollommen van Elsevier.

Misschien is dit wel het beste kabinet sinds de Tweede Wereldoorlog. Alla, dat gaat wat ver. Toch had Mark Rutte een punt. En dan doel ik vooral op die samenwerking met de PvdA. Die staat. Het is een goed huwelijk. Je ziet dat de partners elkaar vertrouwen, elkaar iets gunnen. Misschien kijken ze niet meer zo lief naar elkaar als die eerste keer bij Pauw en Witteman, toen ze elkaar onder de tafel over de knie aaiden, maar de chemie is gebleven.

Dat is wat Nederland nodig heeft, een stabiele regering. En stabieler dan dit krijg je het niet. Zowel bij PvdA als VVD zitten vakmensen aan het stuur. Maar het belangrijkste is wellicht dat er in tijden van crisis draagvlak is voor de ingrijpende maatregelen. Bij het wegvallen van het CDA is het goed dat er een stabiel midden is. VVD en PvdA hebben dat buitengewoon goed gedaan.

Vooral de manier waarop Diederik Samsom opereert, wil ik prijzen. Onvermoeibaar blijft hij uitleggen hoe het echt zit. Er ligt een lange kronkelige weg voor hem, overal beren, ravijnen en Pronkianen, die hem met het linkse kromzwaard willen onthoofden. Maar hij blijft lopen. In plaats van het zingen van de Internationale, heft hij het lied van de realiteit aan, zonder zijn idealen uit het oog te verliezen. Het zal nog wel twintig jaar duren voordat hij wordt geprezen voor die rol. Maar daar wil ik niet op wachten.

Vorige week liep ik even rond bij de fractiekamers van de PvdA. Ik zag Diederik net zijn kamer in schieten. Hij riep iets over cijfers, over koopkrachtplaatjes, over uitruilen van kaarten. Van diverse insiders hoor ik dat hij altijd tien keer meer weet dan de woordvoerder zelf. Of dat gezond is, weet ik niet. Wat ik wel weet, is dat we zuinig moeten zijn op politici die kennis en kunde met elkaar verenigen. En dan maakt het niet uit van welke kleur ze zijn.

Verdikkie. Ik ben gewoon trots op de modderfokker. Dat wilde ik even zeggen. En dat wilde Mark Rutte ook zeggen toen hij zei dat dit misschien wel het beste kabinet is sinds de Tweede Wereldoorlog.

0
Erfenis Bolkestein niet aan VVD’er besteed

vmBolkestein14_350664-586x390

Toen Arjen Robben scoorde, wist ik ineens wat het probleem met de VVD is: Ze missen buitenspelers. Van die watervlugge, licht tragische, aanstellerige types. Ze draven, ze kappen, ze draaien. Maar het belangrijkste: ze spelen altijd het dichtst langs de tribunes. Daarom zijn ze populair. En ze scoren.

Het VVD congres was een matte vertoning. Duidelijk was dat iedereen naar het midden was opgeschoven. Dat is wellicht goed als je regeringspartij bent. Dan heb je behoefte aan rust en stabiliteit. Maar voor de lange termijn is het dodelijk. Juist die vleugelspelers geven de voorzet, zodat spitsen als Mark Rutte kunnen inkoppen.

Wat ik vooral mis, is een type Bolkestein. Terwijl de integratiediscussie op het punt staat opnieuw te beginnen, is er bij de VVD niemand die zich daarmee bezighoudt. Bolkestein was de eerste die moeilijke vragen stelde. Hij was de eerste die ‘in troebel water viste’, zoals veel linkse mensen zeiden. Dat het nodig was, blijkt uit de rellen in Zweden, waar het integratiedebat nog steeds onder een klamme deken ligt. Zwijgen en wegkijken en de instroom van migranten geen strobreed in de weg leggen, levert uiteindelijk verpauperde wijken op, waar de politie niet meer durft te komen. Bolkestein zag dat destijds al.

Zit er sowieso iemand op dat dossier? Ik moest echt zoeken op de website van de VVD, wie er nu over de drie i’s gaat. Islam, integratie en immigratie ligt in handen van Malik Azmani. Dat ik zelden iets van hem hoor, terwijl deze onderwerpen dagelijks de krantenkolommen vullen, is veelzeggend.

De VVD is daarmee een partij geworden zonder al te veel visie, zonder al te veel uitstraling. Maar wat vooral ontbreekt, is gogme, durf, tegendraadsheid. Lodewijk Asscher is nu de leider in dit debat rond de drie i’s. Hij is ongeduldig. Hij schiet met scherp en is duidelijk. Dat betekent dat de PvdA dit dossier van de VVD heeft overgenomen. Oef. Dat zal het liberale hart pijn doen.

Bolkestein zal zich in zijn studeerkamer afvragen wat er met zijn erfenis gebeurt. Hij schrijft nu zijn biografie. Fantastisch. Maar ik vrees dat die aan VVD’ers niet besteed is.

Deze column verscheen eerder in Elsevier

0
Sommige mensen moeten geen ouder willen zijn

 

 

waxinelichtjes

 

 ‘En nou blijf je godverdomme bij me’, schreeuwde ze. Ze hurkte zich voor haar kind, dat schuldbewust naar de grond keek. ‘Kijk me aan, kutkind!’ Hardhandig duwde de moeder de kinderkin omhoog. Ik stond achter haar en keek naar de vader die met een krat bier lodderig naar het tafereel stond te kijken. Hij zei: ‘anders ga je maar lopend naar huis.’

Dat was het moment dat ik besloot te scheiden. Twee jaar geleden. Mijn huwelijk was al veel eerder gestrand, maar twee mini-mannen hielden ons bij elkaar. Ik dacht dit vol te houden, tot ze achttien zijn. Vijftien jaar buigen. Vijftien jaar uitzitten. Alles voor de onschuldige wezens die het liefst willen dat hun ouders bij elkaar blijven. Vijftien jaar kilte.

Scheiden was des duivels. De onderzoeken naar kinderen van gescheiden kinderen liegen er niet om. Die kinderen zullen zelf moeite hebben zich te binden. Ze zijn dommer. Ze zijn opstandiger. Eenzamer. Al die onderzoeken lijken hetzelfde te beweren: blijf bij elkaar. Niet voor hem of voor haar, maar voor de kinderen. Voor zover ik weet, is er echter nooit onderzoek gedaan naar kinderen wier ouders voor de lieve vrede bij elkaar bleven. Toen ik zag hoe de schreeuwende ouders in de Albert Heijn hun kind opvoeden, voelde ik het schuldgevoel wegebben. Het gaat er namelijk niet om hoeveel ouders je opvoeden, maar of ze dat liefdevol doen of niet.

Dimitri Verhulst beschrijft in zijn nieuwe boek zo’n man die bij zijn zeikende vrouw blijft tot hij het niet meer trekt en voordoet dat hij dementerend is. ‘Uit lafheid.’ Want, zo zegt de Vlaamse schrijver: alleen de dapperen kunnen scheiden.

Na het drama met Ruben en Julian laait die discussie weer op. Dit kan de uiterste consequentie zijn van een (vecht)scheiding. Hun vader en moeder lagen al jaren overhoop. Tien instanties zagen het. Vele rechtszaken velden oordelen. En het rare is, deze mensen zijn hoogopgeleid. Ze kunnen nadenken. Ze kunnen het resultaat van hun wangedrag in de ogen van hun kinderen zien.

Dimitri Verhulst is zelf een product van gescheiden ouders. Op zijn tiende zette zijn moeder hem op straat. Hij groeide op bij zijn drankzuchtige en gewelddadige vader. In De Helaasheid der Dingen beschrijft hij hoe deze zwarte komedie er voor hem uitzag. Nu heeft hij zelf een dochter. Hij houdt van haar, al was ze niet gewenst. Als ze een embryo was, had hij haar doodgedrukt, zegt hij in een interview met de Volkskrant.

Sommige mensen moeten geen ouders zijn. Dat zie ik dagelijks. Maar niet als ik in de spiegel kijk. Dan zie ik een vader. Dan zie ik een goede vader. Dat durf ik wel te zeggen.

 

 Deze column verscheen eerder bij Elsevier

 

 

0
Weekers moet vertrekken, ook als hij het kan uitleggen

newPic_8191_jpg_110514b

Weekers. Hij is de underdog. En dan krijg je sympathie. Althans, dat heb ik altijd als de volledige oppositie tegen je staat te schreeuwen. Wijzende vingers, wapperende moties van wantrouwen. Ze wilden helemaal niet horen dat hij er ook niets aan kon doen. Ze wilden zijn hoofd.
Toegegeven. Hij heeft alles tegen. Zijn verleden. Zijn uiterlijk. Zijn zachte stemgeluid. En Weekers kijkt ook zo lief in de camera. Die zet je toch niet zomaar af. En toch. Weekers heeft fouten gemaakt en moet vertrekken. Zo simpel is het. Zoals Fred Teeven ook moet vertrekken. In Nederland zijn we altijd voorzichtig. Pas als het bungelen van een bewindvoerder pijn doet aan de ogen, verlossen we hem.
Hoe anders is dat in Engeland of Frankrijk. Wie niet functioneert, wordt vervangen. Daar doen ze niet moeilijk over. En terecht. Het openbaar bestuur kan zich geen verkeerd imago permitteren.
Ik denk even aan Ella Vogelaar. Haar ministerschap liep al vanaf dag één moeilijk. Het ging niet meer. Iedereen dacht: die is ‘knettergek’. Telkens stapte ze in de frames van Geert Wilders en werd daarmee een dankbaar onderwerp van spot. Toen Wouter Bos haar uit haar lijden verloste, brak echter de pleuris uit. Vooral onder de zachte sectie van zijn achterban, die zich ook nu roert, was Bos de boeman. Bos handelde echter in het landsbelang. Haar laten zitten, zou meer schade berokkenen.
Datzelfde gebeurde met Job Cohen. Met dit verschil dat Job de eer aan zichzelf hield en vertrok. Bij Jolande Sap ging daar nog een pijnlijk toneelstuk aan vooraf, voordat ze inzag dat het niet handig was om aan te blijven. Co Verdaas had niet eens moeten aantreden, omdat er al een wolk van gesjoemel boven hem hing toen hij nog gedeputeerde was.
Mensen die te lang blijven zitten, richten ongelooflijk veel schade aan. Daar moet Weekers zich bewust van zijn. Ook. Ja. Ook als hij het kan uitleggen. Hij is beschadigd. De enige reden dat hij mag blijven, is omdat de PvdA dit kabinet in een rustig vaarwater wil loodsen en al die oproer niet kan gebruiken. Dat is kortetermijndenken.
Dat Aleid Wolfsen maar bleef zitten, heeft zowel de stad Utrecht als de PvdA geen goed gedaan. Het gaat niet eens meer om de feiten. Iemand is beschadigd. Iemand bungelt. Iemand is daarom niet meer geloofwaardig. Het zou goed zijn als iedere politicus een groep eerlijke mensen om zich heen verzamelt. Als de uiterste houdbaarheidsdatum verstreken is, kunnen zij hun vriend de deur wijzen. Als het point of no return daar is, moet je koffers pakken. Dat moet iedere bestuurder bedenken. Het land draait namelijk niet om hem.

Deze column verscheen eerder bij Elsevier

< 1 2 3 >