Home arrow Columns
God en staat
 
 Die kerk en die staat. Daar staat een hek tussen. Er zitten hier en daar gaten in dat hek. Job Cohen wil die gaten groter maken. Hij vindt bijvoorbeeld dat de Westermoskee best wat geld mag krijgen. Ook een islamitisch centrum omarmt onze burgervader.

Waarom? Omdat religie in een achterstandspositie een steuntje in de rug mag krijgen. Vindt hij. Als rijke, witte christen krijg je die ondersteuning dus niet. En waarom zou je sowieso enige religie ondersteunen? Als mensen willen geloven, dan doen ze dat. Als ze dat met z’n allen willen doen in één gebouw, dan bouwen ze zelf maar zo’n gebouw.

Ik snap het wel. Er wonen in Amsterdam veel moslims. Die mensen hebben het moeilijk. Hun geloof wordt vaak aangevallen. Dat is soms hard. Soms zelfs onaardig hard. Maar toch. Je ondersteunt moslims meer door met ze in discussie te gaan dan dat je ze subsidie geeft, omdat ze zogenaamd zielig zijn.

God rukt op in Amsterdam. In Zuidoost heeft de overheid een kerkenverzamelgebouw neergezet. Omdat daar ook veel welzijnswerk wordt gedaan. Zegt men. In De Baarsjes wordt het jeugdwerk straks gedaan door Youth for Christ. Het evangelie begint dus bij het jonge kind.
Amsterdam heeft nooit veel met God gehad. De afgelopen zestig jaar was de hoofdstad een seculiere vrijhaven. Laat dat zo blijven. Dan spreek ik niet eens namens mijzelf. Ik denk dat God of Allah het zelf ook onprettig vinden als ze gesubsidieerd moeten worden.

Columns | De Echo | 23:07 - 05-11-2008 | Reacties (2) | Lees meer..

 
GeMarokkaniseerd
 

Amsterdam heeft geen ‘Marokkanenbeleid’, las ik laatst. Prachtig. Gouda, Rotterdam en Utrecht wel. Dat zijn ook ‘Marokkanensteden’. Amsterdam heeft weliswaar de meeste Marokkanen, maar wil niet op afkomst beleid voeren.

Marokkanen.
Je kunt geen krant openslaan of daar zijn ze weer: de Marokkanen.

Zelf komt hij nooit aan het woord. Dat wil zeggen, de Marokkaan waar het om draait, de criminele Marokkaan, de klootzakjes. De Marokkanen die je wel hoort zijn altijd hulp-Marokkanen. Die klagen. Over de beeldvorming. Over de stages. Over de buurthuizen. De hulp-Marokkaan zal nooit zeggen: Ja. Laten we naar ons zelf kijken. Nee. De Marokkaanse gemeenschap is namelijk geen gemeenschap, zegt de hulp-Marokkaan. De hulp-Marokkaan heeft wel vaak de oplossing: geef ze banen. Geef ze een opleiding. Geef ze… weet ik veel wat. Als het aan deze hulp-Marokkaan ligt, hoeft de Marokkaan niks meer te doen, alleen een beetje hangen.

Het is een circus. Om die hangende Marokkanen hangt een heel circuit beroepsMarokkanen. Polici, hulpverleners, Korankenners, Imams. Het babbelt er op los.

De Marokkaan waar het echter om draait, zal het ontgaan. Wij horen het te veel. Gelukkig is er nu de financiële crisis. Even geen Marokkaan. Voor die crisis hebben we Wouter Bos. Die nationaliseert alles. Koopt alles wat los en vast zat. Dan vraag je je toch af wanneer Wouter naar Slotervaart fietst om daar de Marokkanen op te kopen. Hatseflats. Kost een paar miljoen. Maar dan is het hele marokkanenprobleem van ons allemaal. Genationaliseerd.

Hatseflats


Columns | De Echo | 21:18 - 29-10-2008 | Reacties (0) | Lees meer..

 
Vader van Marcouch
 

aboutaleb.jpgAboutaleb. Hij komt van het Marokkaanse platte land. Geen plantje wil er groeien. Je ziet rotsen. Je ziet ezels. Je ziet een dorre vlakte. En je ziet een jonge Ahmed in zijn korte broek staan. Hij draagt dan al een ijzeren montuur bril. Analfabeet is hij. Alleen met zijn moeder (en zijn zussen), de hele familie en wat ezels, ossen en vermagerde geiten branden ze weg in de zon.

Zijn vader werkte toen al als gastarbeider in het verre Holland en stuurt af en toe geld. En een ansichtkaart. Op zijn zestiende verhuist Ahmed naar een flatje in Den Haag. Uit die tijd stamt het verhaal van die winterjas die hij niet kreeg, omdat vader te weinig geld had. ‘Volgend jaar.’ Hij wees naar zijn lege zakken.

Dat is nog eens vechten. Dat is de sociale ladder niet vanaf de grond betreden, maar vanuit de kelder. Ahmed komt letterlijk van heel ver. En dan nu: burgemeester! Geweldig. Het is alleen jammer dat hij Job Cohen niet opvolgt. Want Amsterdam zou hij dienen als een veldheer. Jezus.

Ik heb hem een paar keer mogen spreken. Hij is een bruggenbouwer waar er maar weinig van zijn. Marcouch heeft het een beetje. Maar dat is meer een straatvechter. Over hem zei Aboutaleb een keer tegen mij: hij moet niet zoveel praten. Hij moet nu iets doen. Zijn ogen lachten. Hij is een vader voor Marcouch. Tegen hem zegt hij: volgend jaar heb ik voor jou een jas.


Columns | De Echo | 01:00 - 21-10-2008 | Reacties (2) | Lees meer..

 
Zweetgeld
 

Hij liep door het Vondelpark. Hobbelend. Het witte vlees schudde onder een felrood trainingspak. Ik weet waar hij werkt. In de ABN Amro toren aan de Zuidas. Hij doet daar iets moeilijks. Maar dat heb je in de financiële wereld al snel. Zo moeilijk dat ze het zelf ook niet begrijpen.

Goochelen op hoog niveau. Als ik Wouter Bos de miljarden uit zijn mouw zie toveren, denk ik, waar haalt hij dat vandaan. 20 miljard. Hatseflats. Daar kun je vijf keer Amsterdam mee opkopen. Lodewijk Asscher presenteerde laatst weer een begroting van 5 miljard.

Terwijl de man voort hobbelde, kwam ik aan bij een kinderfeestje. De bladeren in het park waren geel, geelrood, geelroze. Geen blad was hetzelfde.

‘Mamma is niet vrolijk, omdat ze geen aandelen meer heeft’, zei de jarige. Ik antwoordde dat ik juist wel vrolijk ben, omdat ik ook geen aandelen heb. De moeder keek naar haar schoenen. ‘Ander onderwerp.’

Is Amsterdam treuriger geworden? Wellicht. Dat bladeren verkleuren, betekent ook dat die bladeren vallen. Die tussentijd is mooi. Treurnis hangt in de lucht. Hier en daar valt al een blad, maar de meeste hangen nog.

Terwijl ik daar aan dacht, kwam de hobbelende en hevig zwetende bankier weer voorbij. Ik heb de man ooit geïnterviewd. Ook in zijn krijtstreeppak op kantoor zweette hij. Ook toen keek hij ongelukkig. Moraal: of je nu veel of weinig geld hebt, je zweet altijd.


Columns | De Echo | 20:01 - 15-10-2008 | Reacties (0) | Lees meer..

 
Huftzak
 

De taxichauffeur was er duidelijk over.
Het zijn kloothommels.
Daar op het stadhuis. Hij zwaaide met zijn arm.

Ik zat in zijn taxi op de dag dat de tramrails verzakt waren, dat het pijpenstelen regende en dat Amsterdam verstopt zat. Ik zakte weg in zijn woorden. Heerlijke woorden, vol emotie, vol adrenaline.

Die Cohen. Die Herrema. Ze mochten een akelige ziekte krijgen. En dan die ambtenaren, die liggen te slapen. Het zou ze ook geen donder interesseren, wat ze de gewone mensen aandoen. Ook de bouwer zelf, van die Noord-Zuidlijn, kijk, die is verzekerd. Die lacht zich – volgens mijn chauffeur – het apelazerus.

Hij was drie seconden stil, waardoor ik me genoodzaakt voelde ook iets te zeggen. Mijn woorden maakten echter geen indruk. Mijn chauffeur denderde door rood, zowel over de weg, als in zijn woorden. Hij vroeg zich af in wat voor land we leven. In Godsnaam. Tijdens het sturen'Dat we dit pikken. Het zijn immers allemaal zakkenvullers. Politici. Hij hapte naar adem. Ik hoopte echt dat we er niet één toevallig in levende lijve tegen zouden komen, want mijn taxichauffeur kon niet voor zichzelf in staan. Zei hij. Ondertussen meldde zijn radio dat er in Nederland 320 kilometer file stond. Op een donderdagmiddag.

Ook wij stonden in de file. Voor ons stopte een busje. Het waren verhuizers. Toen dat busje de beide knipperlichten aanzette, begon mijn chauffeur aan een lange roffel aan vloeken. Prachtig. Hij haspelde er zelfs een paar door elkaar. Huftzak. Klootkut.


Columns | De Echo | 13:48 - 09-10-2008 | Reacties (0) | Lees meer..

 
Maradonnasscher
 

cherry.jpgLodewijk Asscher wil nog vier jaar aan zijn wethouderschap vastplakken. In Het Parool zei hij: ‘Ik mag dagelijks door mijn werk fietsen.’ En dat doet hij. Er zijn weinig mensen die zo fluitend hun werk doen als deze licht corpulente corpsbal. Alles doet hij met flair, zoals Maradonna vroeger voetbalde eigenlijk. De Argentijn was regelmatig te dik, de grasmat trilde als hij langs denderde. En toch zag het er soepel uit als hij onwaarschijnlijk lichtvoetig scoorde. Zo voetbalt Asscher ook.

In zijn portefeuille zitten prostituees, pooiers en pegels. Hij benadert ze allemaal met dezelfde vrolijke glimlach. Als hij bij Yab Yum onderhandelt, zet hij zijn fiets – met kinderzitje – pontificaal voor de deur, als statement. Als hij een hoer ziet, knippert hij even met z’n ogen – denkt sodeju – maar wenst haar, met een lichte buiging, een ‘genoeglijke’ dag, alvorens hij haar peeskamer ontneemt. Hij gaat haar vervolgens omstandig uitleggen dat in haar kamertje straks modeontwerpers zitten. ‘Leuk hè?’

Alles met die glimlach. Behalve als er financiële tegenvallers zijn. Dan kijkt hij moeilijk. Zoals je kijkt in de supermarkt als je pinpas niet werkt en de hele rij achter je begint te zuchten. De Noord-Zuidlijn, de afvalcentrale, de Zuidas. Asscher ziet de miljarden uit zijn portefeuille glippen, maar blijft lachen.

En toch. Wil hij een echte Maradonna zijn, dan neemt hij zijn team (de PvdA) bij de hand en legt ze uit hoe er gespeeld wordt. Het zou prettig zijn als de hand van God ook daar beslissend kan zijn.


Columns | De Echo | 20:31 - 01-10-2008 | Reacties (1) | Lees meer..

 
Cohen stopt
 

Dat is me al een paar keer verteld. In vertrouwen. In 2010 vermoedelijk. Nu kwam ook Het Parool met die vraag: wie gaat Cohen opvolgen? Oudkerk wil graag. Als goocheme burrie. Geert Dales ziet zichzelf al zitten in de Stopera - omringd door schone jongelingen.

Maar degene die met zijn vinger omhoog staat, wordt genegeerd. Dat zijn wetten. En dus noemde Het Parool Guusje ter Horst als goede kanshebber. En Ahmed Aboutaleb.

Zou allebei leuk zijn. De eerste vrouw die drie kruisen draagt. Of een berbers kleedje op de grond om ook de gelovigen onder ons door de knieën te laten gaan.

En toch. Zij gaan het niet worden. Wie dan wel? Laat ik de primeur maar weggeven. Het is Wouter Bos. Klinkt misschien raar. Maar toch is het simpel. Wouter wil iets menselijks doen. Zeker nu de rijksbegroting is goedgekeurd, bleek weer dat hij een fantastische penningmeester is. Maar wat heb je daaraan? Niks. Dan ben je een centenneuker. En Wouter wil iets ‘voor de mensen doen'. Dan kan in Amsterdam. Hij kan zich volledig uitleven. Vóór de zomer zei hij dat integratie de belangrijkste portefeuille is. Hij ging zich er persoonlijk mee bezig houden. Hoe? In Amsterdam. Let maar op. Dan Cohen zijn vaderlijke rol als premier spelen in Den Haag. Over vier jaar volgt Wouter hem weer op, dan is hij wijs geworden in de grote stad. Hatseflats. Soms is het heel simpel.


Columns | De Echo | 14:40 - 26-09-2008 | Reacties (1) | Lees meer..

 
Mokkende melkboer
 

Rood bloed van een mokkende melkboer.

Bouwe Olij.

Hij neemt vandaag afscheid. De mokkende melkboer wordt burgemeester van Oud-West en heeft de Raad inmiddels verlaten. Helaas. ‘

Je kon hem haten. Je kon hem liefhebben. Ik heb hem eerst gevreesd en ben hem pas later gaan waarderen. Toen Bouwe de Gemeenteraad betrad – in 2002, was zijn reputatie hem vooruit gesneld. Hij was een hufter. Een spelletjesspeler. Een intrigant. En die moesten we met z’n allen weren. Zei men.

Dat ik een liefhebber zou worden, had ik toen niet kunnen bevroeden. Dat kwam ook vrij laat, moet ik zeggen. Het was in september 2006. Bouwe was geen wethouder geworden en had dat aan zichzelf te danken. Hij is een kundig politicus, maar ook een drammer en een ongeleid projectiel. En dus passeerden ze hem. Hij boog vervolgens zijn hoofd en mokte.

Zo trof ik hem aan, een half jaar na de verkiezingen. Afgewezen door zijn grote liefde. Hij voelde zich eenzaam. Zijn trein was vertrokken en Bouwe stond alleen op een koud perron te kijken naar de rode achterlichtjes van een trein die op stoom komt.

Hij had letterlijk geknokt om op dat perron te komen. Bouwe was namelijk een politicus die zich langzaam omhoog gewerkt had. Hij was wethoudersassistent. Hij was voorzitter. Hij was raadslid. Toen hij eindelijk de trein wilde nemen die hem de eeuwige wethoudersroem zou verschaffen, zat er een machinist die hem niet meenam.

Eigenlijk begon die reis nog eerder. Bouwe is namelijk de zoon van een melkboer. Hij sliep in een bedstee tussen de boter en de eieren, onder het trapgat. Armoe troef. Elke ochtend om vijf uur kukelde de haan en trokken Bouwe en zijn vader hun witte jassen aan om Amsterdam van boter, kaas en eieren te voorzien. Je ziet dat voor je. Vader reed op de melkkar en Bouwe moest er achter aan rennen. ‘Onderaan beginnen.’

Daar is Bouwes bloed rood geworden. Als hij even mocht uitrusten, las hij boeken. Van Marx tot Wibaut. En hij bestudeerde de politiek. Hij wist niet alleen het jaartal van de eerste socialist in de raad, hij herdenkt zelfs de minuut van diens installatie. Hij murmelt De Internationale niet mee. Nee, hij zingt met rechte rug en gedragen stem elke lettergreep mee.

Bouwe Olij was het beste raadslid van de afgelopen jaren. Dat durf ik nu wel te zeggen. Hij had de gedrevenheid van Karina Schaapman, maar ook het politieke inzicht van een Duco Stadig. Zijn werk was gedegen. Elke komma werd drie keer omgedraaid.

En nu is hij terug in ‘de’ stadsdelen. Als voorzitter van Oud West. Het is als het winnen van de KNVB-beker, als je ook landskampioen had kunnen worden. En toch. Bouwe verlaat met rechte rug zijn geliefde politieke arena. Daar zullen ze hem missen. Als mokkende melkboer gooide hij met eieren, maar eiste ook van het college ‘geen cent teveel’.

Tabee.

Deze column verschijnt - als het goed is - op de website van de PvdA Amsterdam

Marcel Duyvestijn is liefdevollid van de PvdA. www.liefdevollid.nl


Columns | PVDA Amsterdam | 21:31 - 22-09-2008 | Reacties (0) | Lees meer..

 
Bloemetje Ploumen
 

ploumen1.jpgLaatst was ik op bezoek bij Lilliane Ploumen, de voorzitter. Ze wilde wel eens kennis maken. Wat denkt een ‘liefdevolle’ van haar partij in verval?

Ze sprak hoopvolle woorden: we staan op 17 zetels in de peiling. We hebben de bodem nu echt geraakt en gaan weer omhoog. Ze keek er hoopvol bij. En toch, in haar ooghoek druppelde een traan. Lilliane pruilde. Ze voelde die bodem nog niet. Zelfs nu, op het absolute dieptepunt, voelt onze voorzitter nog modderige grond onder haar voeten. We kunnen zo nog een stuk verder wegzakken.

We zijn er nog lang niet. ‘Wil je nieuwe bloemetjes laten bloeien, dan moet je je akker rust geven, je moet er Gods water overheen laten stromen en je moet er voorzichtig met ploeg doorheen om de grond te laten ademen.’

Klinkt logisch.
Vond Lillian ook.
Maar wat moeten we doen?

Duidelijk zijn. Mijn vuist lag met een plons op tafel. Als je weer eerlijk bent, krijgen mensen weer vertrouwen. De afgelopen jaren heeft de partij gedraaid bij het leven. Beloften die keihard werden gebracht, bleken – eenmaal in de regering – toch zo zacht als boter. Vertrouwen. Daar gaat het om. Het komt te voet en het gaat te paard. Ik keek zo dwingend als een man maar dwingend kijken kan.

Terug naar het akkertje. Als dat eenmaal kaal is, kun je er nieuw zaad op gooien. Dat kun je met nieuwe technieken doen, maar uiteindelijk heb je water, aarde, zaad en zuurstof nodig. Heel simpel eigenlijk. Net zo simpel als dat de PvdA de oude waarden – waar ze altijd voor gestaan heeft – weer oppoetst en in de etalage zet. Emancipatie. Volksverheffing. Gelijkheid. Broederschap. Als je dat in de grond stopt, krijg je echt mooie bloemen, felrode rozen.

‘Als we nu niet veranderen…’ Ik keek er dreigend bij. Maar stopte abrupt.

Hoeveel van die roeptoeters zou ze aan tafel hebben gehad? Allemaal mensen die het beter kunnen. Allemaal betweters die tegen haar zeggen: weet je wat je moet doen. Ik kreeg medelijden. Ze keek naar haar schoenen. Ze dacht waarschijnlijk: ‘Waarom ben ik geen voorzitter van de VARA geworden?’

Het is een mooie vrouw. Lilliane Ploumen. Goed gekleed. Energiek. Zelfs haar Katholieke accent had iets charmants. En dan ben je de voorganger van een leeglopende kerk. Dat doet pijn als je in de bloei van je leven zit.

Het gaat goed komen. Zei ik. Met een trilling in mijn stem. Ineens keek ze weer op. Dat had ze nodig. Woorden van troost. Ik zag zelfs een dunne glimlach. Ik wilde eigenlijk een hand op haar frêle schouder leggen en iets pathetisch als ‘kom op’ zeggen.

Maar ik zei niks. Misschien is dat ook wel eens goed, om als roeptoeter – die het altijd beter weet – even te zwijgen. Misschien moet ik het eens opschrijven. Een liefdevol boekje van een liefdevol lid.

Marcel Duyvestijn is liefdevol lid, publicist en columnist. Zie ook www.liefdevollid.nl

Deze column vescheen eerder in De Provinciaal, van de PvdA Noord-Holland


Columns | Overige | 13:12 - 20-09-2008 | Reacties (0) | Lees meer..

 
Fluit
 
fluit.jpgDe zon scheen. Jezus. Dan is Amsterdam als een vrouw. Ze dartelt. Ze flirt met je. Op het water. Op straat. Of in dit geval op het terras. Ik zat midden in een goed gesprek toen er iemand naast me op een blokfluitje blies. Hard en schril.  Ik keek hem vernietigend aan. Maar daar was hij kennelijk niet gevoelig voor, want hij blies nog een paar keer. Als ik mijn best deed, kon ik er een melodietje uithalen. Welk melodietje was weer een tweede.

Toen de man was opgehouden, hield hij zijn pet voor me. Daarin lagen een paar muntjes. Ik keek ernaar. 'For the Music', zei de fluitist. De man keek me nu met een schuin - bedelend- hoofd aan en herhaalde zijn zin. Het klonk nu niet meer vrijblijvend. Als ik nu niet snel geld in zijn pet zou gooien, zou hij me de rest van de dag achtervolgen.

De man glimlachte nu een dwingende glimlach. Twee zwarte tanden zag ik, de rest van zijn gebit was vergeeld. Ik zei nee. Maar het was zwak en onhoorbaar. Dat kwam omdat ik de man een heel verhaal wilde vertellen. Over het verpesten van mijn dag. Over de onwenselijkheid van dat schrille gefluit. Ik zei dus niks en keek hem alleen maar aan. En toen zei de fluitist: 'Asshole'. En dat brak het ijs. Ik nam een slok en keek tevreden naar mij glas. Thanks, zei ik tevreden tegen de fluitist 

 



Columns | De Echo | 14:25 - 17-09-2008 | Reacties (0) | Lees meer..

 
<< Begin < Vorige 1 2 3 4 5 6 7 8 9 10 Volgende > Einde >>

Resultaten 81 - 90 van 135


Weblogs

Laatste tweets

Links

Zoeken

RSS