Freek Ossel dus. Dat schreef
Het Parool vandaag. Zij hadden de primeur. Hij is de kandidaat wethouder waar heel Amsterdam naar zocht en moet dus de opvolger van Hennah Buyne worden. Een oud-ambtenaar. Een oud-stadsdeelsecretaris. Nu een adviseur. Vanavond (maandagavond) is hij aan aan de fractie van de PvdA Amsterdam voorgesteld en wordt hij voorgedragen aan de Gemeenteraad.
Daarmee komt een einde aan het grote geruchtenspel. Een lekker spel. Een spel van horen. Van zoeken. Van werpen. Kijken en roepen. Je kon zomaar een kandidaat naar binnen werpen: ‘Ik zag laatst Humberto Tan…’ En dan gingen allerlei mensen direct googlen en ook weer roepen. Geweldig.
Tot ik een sms’je kreeg: Ossel. Die naam was vaker gevallen. Hij was gesignaleerd in de gangen. Dat kan natuurlijk altijd. De man was immers adviseur. En dat kun je overal doen: adviesjes geven. Maar dit was niet zomaar rondlopen. Als er een wethouder gezocht wordt, kun je niet zomaar stoďcijns door de gangen banjeren.
Ossel is Ghanees/Chinees/Nederlands.’ Een allochtoon. Doet dat er toe? Kennelijk wel. Kleur speelde een rol in de zoektocht naar een nieuwe wethouder. Diverse wethouderskandidaten hadden ‘de verkeerde kleur.’ Freek niet. Hij was daarnaast ook stadsdeelsecretaris in Zuidoost geweest ten tijde van Hannah Belliot, de koningin van de Bijlmer. En dan gaat het belletje nog harder rinkelen. Dat is namelijk de afdeling waar ze eisten dat de opvolger van Buyne dezelfde kleur zou hebben.
Hannah Belliot speelde vorig week op een PvdA afdeling in Zuidoost nog een keer de kleurenkaart. Lodewijk Asscher vond dat het kiezen van kleur in zijn ogen 'denigrerend en vernederend' was. Belliot was het niet eens met hem. ‘Het is denigrerend, Lodewijk, maar that’s life.’
Met andere woorden. Kleur boven kwaliteit zetten, is niet goed. Maar dat is wel wat we willen. En die kleur moet dan wel een echt zwarte kleur zijn. Ze moeten niet met een Marokkaan of Turk thuis komen. Die werden toch alleen maar voor getrokken. Zo was de mening van de gemiddelde Surinamer (volgens
John Goring).
Te idioot voor woorden eigenlijk. Wie had kunnen bedenken dat kleur zo’n grote rol zou spelen bij het kiezen van een wethouder? Natuurlijk: pinguďns kiezen pinguďns, zoals Jerry Straub het uitdrukte. Of zoals Hannah Belliot het zei: ‘Mensen kiezen mensen die het meest op hen lijken.’
Dat geloof ik. En er is ook nog zoiets als trots. Trots dat iemand uit jouw gemeenschap tot het hoge ambt van wethouder geroepen wordt. En er is ook zoiets als herkenbaarheid. Een bestuurscollege van een stad als Amsterdam moet een afspiegeling zijn van haar bewoners. Dat is echter iets anders dan dat kleur boven kwaliteit moet staan. Want dat is wat je zegt als je ‘eist’ dat er een zwarte wethouder moet komen.
Freek Ossel heeft een kleur. Hij is misschien niet van de juiste gemeenschap, maar hij zorgt er wel voor dat het Amsterdamse college er kleurrijk op staat. Hopelijk is hij door het hele kleurengebeuren niet al te veel bevlekt geraakt. Anders gaat het complotdenken straks weer vrolijk verder.
AT5 liet direct wat mensen iets roepen over de nieuwe kandidaat. Rob Oudkerk noemt Ossel "een goede keuze". Volgens de oud-wethouder is hij "aimabel en kundig". Ook Melle Damen, directeur van de Stadsschouwburg, is positief. Hij noemt de kandidaat-wethouder een goede en 'maatschappelijk gedreven' kandidaat met 'politiek gevoel'.
Kijk, dat klinkt al een stuk beter. Dat zijn kwalificaties waar je wat aan hebt. Kleurloze, maar vertrouwenwekkende geluiden.
Marcel Duyvestijn is onafhankelijk columnist voor de website en liefdevol lid van de PvdA