De crèche van Lucas en Laurens werd geleid door een buitengewoon competent iemand. Maar ze is weg. Ze nam vorige maand afscheid. Vandaar deze column in de Peppraet.
Daar stond hij. Met een bloemetje. En daar stond zij; te wachten totdat hij naar haar toekwam. Allebei keken ze verlegen. ‘Hij’ is mijn zoon. ‘Zij’ is Antoinette – de scheidend directeur-generaal van Pepijn. Vorige maand nam ze afscheid. Geheel de natie is verdrietig. Of in ieder geval de alle Pepijners en Pepijnisten.
Als dertig kinderstemmetjes van die lieve liedjes zingen, hou ik het niet droog. Het is een familiekwaal. Mijn vader heeft dat ook. Die kan geen Goede Tijden Slechte Tijden kijken of hij begint te snikken.
Ook bij de toespraak van Ellen hield ik het niet droog. Het waren niet de woorden, maar de stiltes. ‘Lieve lieve Antoinette.’ En dan boog ze even het hoofd, wellicht om aan te geven dat elk woord tekortschiet. ‘We gaan je missen.’ ‘Je was geweldig.’ Eigenlijk wilde Ellen zeggen: zeg nou maar dat je blijft, dat je niet weggaat, dat het een misverstand is. Maar toen ze weer voor zich keek, besefte ze dat Antoinette echt weg zou gaan.
En dat ging ze.
Na de kussen, de bloemen en een laatste glas rosé (die zo lekker smaakt samen met een zwarte olijf – die je tussen je tanden kapotbijt en dan laat doorspoelen met rosé), stapte ze op de fiets, keek nog één keer om en zei tegen haar dochter ‘dat was het dan’. Die kon alleen maar ‘ja’ zeggen. Ze pakte haar moeders hand en samen reden ze een tijdje zwijgend naast elkaar. Toen zuchtte Antoinette diep, kneep in haar dochters hand en zei: ‘kom op, we gaan wat leuks doen.’
Marcel Duyvestijn is liefdevol vader van Lucas en Laurens