|
Vijftien zetels. Het verbaast niet eens meer. Wouter Bos wordt niet aan zijn staart naar buiten getrokken om een ‘ach en wee’ te laten horen. We zijn het gewend. Wij van de PvdA. Als wij straks (omgerekend) twintig zetels halen, zijn we dik tevreden.
Zucht.
Hoe een grote partij zichzelf klein maakte. De houding van menig PvdA’er is er één van: ik zeg maar niks meer. Ik glimlach. Maar verder duik ik onder mijn tafel, in de hoop dat de kiezer me gaat zoeken. Gevonden wil ik niet worden.
PvdA’er zijn, is tegenwoordig geen pretje. Bijna elke dag duikt er wel iemand op die iets raars zegt, waardoor mensen aan mij vragen: is dat jouw partijgenoot? Afgelopen maand: De één vergelijkt Wilders met Hitler. De ander stemt – met een blik op de imam op de tribune – als enige tegen de homonota van Ahmed Marcouch. Weer een ander wil alle gezelligheid uit Amsterdam trappen – te beginnen met een ijssalon.
Wouter Bos zei in 2006 – vlak na de enorme overwinning – dat er misschien wat ‘ongelukken’ kunnen voorkomen bij een aantal allochtone raadsleden. Hij heeft gelijk gekregen. Helaas. Heel erg gelijk zelfs. De lijst met ongelukken is lang. Vooral in Zuidoost en Slotervaart hobbelden ze van het ene incident naar het andere. Een raadslid dat amper Nederlands spreekt en alleen voor zijn eigen groep wenst op te komen. Een raadslid dat nooit op vergaderingen kwam, maar wel betaald wilde worden. Anti-homoïsten (mag gewoon niet van de islam). Dronken bestuurders. Sjoemelende bestuurders. Evangelische bestuurders.
Allemaal mensen die de PvdA bezoedelden. Ongelukken. En ze hadden voorkomen kunnen worden. Als er goed gescout was. De PvdA moet excellente mensen kunnen vinden. Maar toch gebeurt het niet. Over dik een half jaar zijn er weer verkiezingen. Je hoopt dat de lessen geleerd zijn, dat er mensen op verkiesbare plekken staan waar je warm voor loopt. Politici waarvan je zegt: Ja! PvdA’ers met een mooi gezicht en een rechte rug.
Ze zijn er. Jezus. Wij hebben de meeste talenten van allemaal. Wij zijn de beste, verdomme. Ja, toch? Lodewijk Asscher. Ahmed Aboutaleb. Mohamed Mahandis (de nieuwe voorzitter van de JS). Eberhard van der Laan. Mannen die een realistische kijk hebben, maar ook het theater begrijpen. Er zijn er nog honderden. Serieus.
Vijftien zetels hebben we nu, volgens Maurice de Hond. Als we zo zwijgzaam blijven, dan worden het ook niet meer zetels. Als we echter rechtop het lied van de vrijheid, de gelijkheid en de broederschap zingen, komen mensen weer naar ons kijken. Dan zeggen ze: Ja, de PvdA, daar heb ik vertrouwen in.
Dat cynische gelul moet over zijn. Daar moet ik ook mee ophouden. De kalveren zijn verdronken. Alle ‘ongelukjes’ laten we achter ons. Het zou ook goed zijn als de partijleiding daar duidelijker in is. We gaan nu vooruitkijken. En we zetten mensen op cruciale plekken die in drie woorden kunnen vertellen wat dit land nodig heeft.
Verdomme.
Marcel Duyvestijn is liefdevol lid van de PvdA, publicist, propagandist, idealist. Deze column verscheen eerder in De Provinciaal, het blad voor de PvdA Noord Holland
Gepost op: 20:27 - 27-08-2009 |
|
|
|
Reacties op dit bericht (0) |
|
|