
(Nep)Pandarijders begroeten elkaar. Mooi is dat. Net als motorrijders en vrachtwagenchauffeurs herkennen ‘we' elkaar. Ze lachen ook. Ze zijn eigenlijk vreselijk gelukkig. Mijn zoon (bijna 4) wil ook altijd in ‘de nieuwe auto'. Niet bij z'n moeder in die grote middenklasser achterin. Maar in een ‘echte auto', naast pappa.
Hij mag voorin zitten, omdat het achterin te krap is voor zijn kinderstoel. Voorin zit hij als een koning. Naast de keizer. Hij broemt met de motor mee. En ik ook.
(Nep)Pandarijders.
Vrolijke mensen.
Fijne mensen. Vredelievend
Gisteren vervoerde ik twee Zweden die naar Amsterdam moesten. Op de parkeerplaats hadden ze de keuze tussen een BMW 5 serie (nogwat nogwat) en mijn Nep-Panda. Ze glimlachten en wezen naar mijn zwembadblauwe bolide.
Ik zei Hatseflats.
Maar dat was geen Zweeds woord.
Gepost op: 22:21 - 15-10-2009 |
|
|
|
Reacties op dit bericht (4) |
|
|