Wat bleek? Haar neef had een importbruid, die hij beschouwde als zijn persoonlijke slaafje. Ze mocht niet naar buiten. Ze mocht niet spreken. Ze was er alleen ‘voor de productie’. Ze was een broedmachine voor het nageslacht. En - op z’n tijd - een boksbal als de neef zijn frustratie ergens tegenaan wilde meppen. Het was dit keer erger dan normaal. Een gebroken neus en een gescheurde oogkas.
Ze vertelde het me drie dagen later. Onderkoeld. Het was namelijk vrij normaal. ‘Marokkaanse gewoonten.’ De manier waarop ze haar schouders ophaalde en soepel overschakelde op een ander onderwerp: ‘weet je welke thee je moet proberen’, deed me bibberen. Mijn hoofd tolde. Mijn stem sloeg soms over. De verontwaardiging sloeg door mijn hele lichaam.
Mijn moslima glimlachte alleen maar. ‘Nog een reden waarom het niet handig is als ze ons samen zien.’
Zei ze.
Het feuilleton:
Hier: Liefdesbrief aan de moslima
Hier, deel 2, Nog een keer de Moslima
Hier, deel 3, de dag dat ik moslim werd
Hier, deel 4, de drinkende moslima
Hier, deel 5, God als webcam
Hier, deel 6, Gehoofddoekte string
Hier, deel 7, de schuldige rug
Hier, deel 8, zondagavondmoslima
Hier, deel 9, Marokkaans fruit