Ineens zag ik haar lopen. Mijn moslima. Een flits. Een verstild beeld van een seconde. Met hoofddoek. Met boodschappen. Voor haar liep een man in een wat ruimzittend pak. Hij had iets weg van Ahmedinejad, met vlassig baardje en lodderige ogen.
Zij keek mij even aan, heel even. Ze herkende me. Haar ogen glunderden. Maar daarna zakte haar hoofd weer en verlegde ze haar blik naar het trottoir.
Ik stak mijn hand op. Probeerde de ‘h’ van ‘hé’ uit te spreken, maar zweeg daarna. Ze was mooier dan ik hebben kon. Mijn lege boodschappentas verfrommelde in mijn hand. Mijn moslima, dacht ik. Daar liep ze, tien jaar later. Met man. Zonder kinderen. Mijn moslima, dacht ik nog een keer. Maar er was helemaal niets meer van mij bij.
Ik keek het tweetal na. Zij met twee boodschappentassen. Hij met een mobiele telefoon aan zijn oor en wild gebarend. Mijn moslima volgde, zoals vrouwen volgen, die niet meer willen nadenken.
Het feuilleton:
Hier: Liefdesbrief aan de moslima
Hier, deel 2, Nog een keer de Moslima
Hier, deel 3, de dag dat ik moslim werd
Hier, deel 4, de drinkende moslima
Hier, deel 5, God als webcam
Hier, deel 6, Gehoofddoekte string
Hier, deel 7, de schuldige rug
Hier, deel 8, zondagavondmoslima
Hier, deel 9, Marokkaans fruit
Hier, deel 10, de geslagen moslima
Gepost op: 11:01 - 29-10-2009 |
|
|
|
Reacties op dit bericht (3) |
|
|