Home arrow Columns arrow Toespraak voor D66
Toespraak voor D66
 

Toespraak voor het D-café, het politieke café van D66

 

Ik kreeg de opdracht mee om achteruit te kijken en vooruit te zien. Ik heb hem dus flink in z’n achteruit gezet en kwam uit bij het jaartal nul.

 

d66_wilders.gifVandaag het verhaal van Jozef. U kent hem wel. Hij is de man van Maria. Hij liep jaren terug met een ezel langs Bethlehem. Zijn vrouw was zwanger, maar het was niet van hem. Maria was namelijk onbevlekt. Die was maagd. Dat wist Jozef natuurlij ook wel. Hij had het lieve meisje met geen vinger aangeraakt. En toch was ze zwanger. Maar Jezus, zo ging dat toen. Je was verliefd en liep dus met zo’n meisje mee, all the way naar een afgelegen stal om daar dat kind in een kribbe te leggen.

 

Pas dan hoort hij wie de echte vader is.

God.

De Heer.

U kent hem wel.

 

Die man van hemel en aarde. Die water en aarde ging scheiden. Een groot man. Een man met een missie. Een soort Hans van Mierlo, misschien dat jullie dan beter begrijpen wat een groot man die God eigenlijk was. Maar hij was dus ook een man die toevallige passanten uit Nazareth bezwangert.

 

Terug naar Jozef.

 

Hij is een simpele timmerman. Hij speelt het spelletje mee. Met die onbevlekte ontvangenis. God heeft immers macht. Hij laat engelen zingen. Hij laat een ster aan de hemel verschijnen. En hij laat drie wijze koningen naar de stal komen waar Maria – zonder ruggeprik  - ligt te bevallen. Jozef accepteert het. Sterker nog. Hij denkt dat het voor het goede doel is. En dus gaat hij rustig in die kerststal staan, geeft hij de ezel te eten, telt de schapen en zwaait naar de herders die komen kijken.

 

Maar dan is ook over. Zijn rol is dan uitgespeeld. Maria wordt nog volop vereerd. Maar Jozef doet er niet meer toe. Hij komt niet meer in het verhaal voor. In het boek dat over zijn zoon geschreven is, wordt hij alleen nog in de kantlijn genoemd.

 

Het is deze Jozef, dames en heren, die maakt dat ik PvdA’er ben geworden.

En geen D66’er.

Jozef is namelijk de man die door niemand gezien wordt. Hij is de man die alleen achterblijft in een portiekflat, in een wijk met schotelantennes. Hij is de man die door moet timmeren, tot ver na zijn 65-ste. Hij is de man die de alimentatie betaalt, maar geen kind heeft. Hij is de man die niet eens bij het kruis komt kijken, als zijn zoon daar rondhangt.

 

Jozef.

Mijn man.

 

D66’ers komen op voor Jezus. Voor Johannes. Voor Paulus. Dat zijn immers de kenniswerkers. Dat zijn de mensen van de boeken. Frisse fruitige mensen met designerbrillen. Ze komen niet op voor allochtonen als Jozef, maar wel voor expats als Paulus. Dat was een Romein.

 

Die discipelen wonen ook in de grachtengordels van Jeruzalem. Wereldburgers zijn het, die reizen maken naar Rome en die geloven in één grote wereld, waar alles in het Hebreeuws, maar ook in het Engels staat genoteerd, is het niet Jan.

 

En Jozef?

Daar kijken jullie niet naar om. Jozef is ongetwijfeld zo’n mannetje dat zich druk maakt om zo’n ongewoon geurtje in het trapportaal, zoals jullie huidige profeet Pechtold zei. Jozef is volgens jullie iemand die het niet kan verkroppen dat hij zelf zo’n verloren leventje leidt.

 

Winnaars.

Verliezers.

 

Daar gaat het om. Jullie komen op voor elkaar. Ook voor mij. Voor ons soort mensen. Van die mensen die geen behoefte hebben aan betutteling. Mensen die zelf wel uitmaken of ze naar de hoeren gaan of niet. Mensen die zich druk maken over het behoud van de zelfstandige gymnasia.

 

Jullie komen ook voor mij op. Ik ben één van jullie. Ik ben een D66’er. Een kenniswerker. Één en al beschaving. Goeie baan. Goed inkomen. Lieve vrouw. Lieve kindertjes – die ook nog eens liefdevol opgevoed worden. Voor mijn rijtjeswoning staat een middenklasser. En toch ben ik ontzettend leuk, hip, fris en fruitig. Ik ben wat je noemt een model D66’er.

 

Zucht.

 

Maar wat is daar nou leuk aan? Wat is er nou leuk aan om je over mij te ontfermen? Ik red me wel. Kijk eens naar Jozef. Die zit daar te verpieteren in zijn portiekflatje. De islam gonst om hem heen. Hij wil wel Geert Wilders stemmen, maar dat voelt niet lekker. Hij is toch de vader van Jezus. En Jezus was een PvdA’er.

 

Ja. Wel degelijk. Jezus was zo’n PvdA’er die niet voor zijn eigen vader opkwam. Zo’n man die wildvreemden genas. Die doden weer liet lopen. Die – net als Wouter Bos – de geldwisselaars uit de tempel mept. Dat is het moralistische dat je in elke PvdA’er herkent.

 

Wie de bijbel leest, weet het zeker. Jezus is zo’n drammer van de PvdA die alleen in zijn eigen gelijk gelooft en die zijn eigen volgelingen afsnauwt. Maar ook iemand die zo dom is, dat hij naar Jeruzalem gaat, terwijl hij weet dat hij verraden is. Door Judas, zo’n Alexander Pechtold-achtig mannetje dat alleen maar anderen kan afkraken, maar zelf totaal geen inhoud heeft.

 

Hatseflats.

 

Terug naar Jozef.

Bij ons thuis staat Jozef vooraan in de kerststal. De schapen om hem heen. De herders luisteren naar zijn verhaal. Helemaal achterin de stal staat Maria met de drie wijzen te smoezelen. Ze doet maar. Voor mij is ze uit het zicht.

 

Jozef heeft de toekomst. Hij is de nieuwe Joe the Plumber. Hij is de man waar de nieuwe PvdA – mocht die ooit weer opstaan – voor moet gaan staan. Want dat is het, de PvdA moet niet kijken naar andermans evangelie. Ze moet luisteren naar het doodgewone verhaal van Jozef. Jozef de timmerman.

 

Dan kunnen jullie weer gewoon op het evangelie van Wilders richten

 

Dank u.




Gepost op: 22:15 - 20-12-2009






Reacties op dit bericht (0)

Geen reacties gepost

Reageren



mXcomment 1.0.6 © 2007-2012 - visualclinic.fr
License Creative Commons - Some rights reserved


Weblogs

Laatste tweets

Links

Zoeken

RSS