Vier stoelen. Van vier Amsterdammers. En niet de minste. Hans van Mierlo. Job Cohen. Lodewijk Asscher. Wouter Bos. Vóór het weekend zitten ze nog op de stoel waar ze altijd op zaten. Maar je knippert even met je ogen. En de stoelendans is compleet. (Uit De Echo van deze week)
Eerst: de lege stoel: Verdikkie. HAFMO van Mierlo. Vorig jaar was hij nog op een D66-bijeenkomst, waar ik ook mocht spreken. Hij zag er slecht uit. Zijn wit linnen pak zwabberde om zijn lichaam. De groeven in zijn gezicht waren zeker een centimeter diep. Iedereen kon zien dat hij stierf. Toch schrik je als hij er ineens tussenuit piept. Een generatie is weg. Floeps.
Dan de drie andere stoelen. Wouter Bos stond nog niet op of Job Cohen zat al op zijn stoel. Lodewijk Asscher zit vervolgens weer op Cohens stoel. Je knipperde even met je ogen en alles is anders.
Vooral dat Wouter Bos zich terugtrekt uit de politiek is treurig. Zomaar. Ineens. Wat gaat hij doen? Met een hengel aan het IJ zitten? Een beetje wandelen door landelijk Noord? Stofzuigen? Ramen lappen? Ik maak me daar zorgen over. Niet zozeer voor hem. Nee. Meer voor Barbara, zijn vrouw. Wouter lijkt me echt iemand die de keukenkastjes opnieuw gaat indelen of die de tuin gaat omspitten. In ieder geval zal hij het huishoudboekje ter hand nemen. De financiën. Dat is immers zijn hobby.
Job en Lodewijk hebben een zorgplicht. Richting Wouter. Maar zeker richting Barbara.
Gepost op: 00:00 - 16-03-2010 |
|
|
|
Reacties op dit bericht (2) |
|
|