|
Het kwetsbare plastic van Ajax |

Dmitri Boelikin. Ajax-spits. Op de een of andere manier heb ik het gevoel dat die man 65 is. En dat-ie 130 kilo weegt. Dat Frank de Boer hem destijds ergens op de Zwarte Markt tussen de schemerlampen en de gestolen laptops zag staan en dacht: waarom ook niet.
Eigenlijk was hij vierde keuze. Maar nu staat hij er. Hij houdt in z’n eentje Ajax nog enigszins in het spoor van het kampioenschap. Dat wil zeggen: Hij stond. Het onmogelijke is namelijk gebeurd: ook Boelikin, de onverwoestbare tank, is geblesseerd.
Na Kolbeinn Sigthorsson, Derk Boerrigter, Theo Janssen, Eyong Enoh, Gregory van der Wiel en Nicolai Boilesen is hij de zoveelste die in de lappenmand zijn roes zal uitslapen.
Bij mij rijst de vraag of het ziekelijke geklets binnen het bestuur van Ajax zijn weerslag heeft op de spelers. Ja, je hoort ze allemaal dat riedeltje opzeggen van: wij focussen ons op de bal. Maar toch. Dat zijn zinnen die door communicatiefiguren worden ingefluisterd. Net als dat spelers die drie keer scoren na afloop zeggen: ik ben niet blij voor mezelf. Ik ben blij voor het team. Zonder hen… bla bla. Dat gelooft niemand.
Ajax. Het is plastic. Maar dan plastic dat snel stuk gaat. Ik heb twee jonge kinderen. Dus ik weet goed hoe snel goedkoop plastic kapot gaat.
Deze column verscheen deze week in De Echo
Gepost op: 10:42 - 22-02-2012 |
|
|
|
Reacties op dit bericht (4) |
|
|